Filmwoordenboek

Share Button

Recensielangwoordenboek

Niet iedereen is even goed thuis in de filmwereld en diens begrippen. Na talloze verzoeken zijn we aan de slag gegaan om een film (en televisie) begrippenlijst te creëren. Deze pagina bevat begrippen uit het film- en televisiewereld en is aangepast aan de tijd. De pagina gaat er wel vanuit dat de lezer een redelijke basiskennis heeft.

Vanzelfsprekend is deze net uitsluitend en zullen er in de toekomst begrippen aan worden toegevoegd. Mis je een begrip of vraag je jezelf af wat iets betekend, neem dan hier contact op met de redactie.

0 A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

0-9
 
 

3D HFR
Als je naar een film kijkt, zie je 24 beelden (of frames) per seconde achter elkaar. Dankzij deze hoge snelheid zie je een bewegend beeld. Nieuwe apparatuur maakt het mogelijk de frame rate te verhogen naar 48 frames per seconde. Films met 48 fps, ofwel HFR (Higher Frame Rates) hebben opvallend helderder beeld dat bij snelle camerabewegingen.

a
 
 

Akte
Deel scenario van de klassieke verhaalstructuur Begin, Midden, Eind.

Angle
De hoek tussen de positie van de camera en wat er gefilmd wordt.

Antagonist
In de klassieke rolverdeling in drama vind je de protagonist (held) tegenover de antagonist (boef).

Artdirection
De vormgeving van een film zoals die wordt geregistreerd tijdens de opnamen. Denk
aan decors, rekwisieten, belichting, kostuums en make-up.

b
 
 

Beeldverhouding (aspect ratio)
Beeldverhouding is de verhouding tussen breedte en hoogte van een beeld. Een traditioneel televisiebeeld heeft een beeldverhouding van 4:3 (4 eenheden in breedte, 3 eenheden in hoogte. Breedbeeldtelevisietoestellen hebben een beeldverhouding van 16:9 (16 eenheden in breedte, 9 eenheden in hoogte). De Amerikaanse 4:3-standaard is 640 pixels in breedte en 480 pixels in hoogte, terwijl de Europese 4:3-standaard 768 pixels in breedte en 576 pixels in hoogte meet.

Biopic
Film over (het levensverhaal van) eenbekende persoon.

Blockbuster
Blockbuster is een term uit de filmwereld die wordt gebruikt om een film aan te duiden met grote sterren in de hoofdrol en waarvan verwacht wordt dat het een fors bedrag aan entreegelden zal opbrengen (een kassucces).

Box office (bo)
De opbrengst van een film aan de kassa.

c

Camerastandpunt,
De hoek of perspectief van waaruit de camera de object opneemt.

Cameo
Zeer korte, maar opvallende rol, gespeeld door bekend acteur of door de regisseur zelf.

Cast
Alle mensen die meespelen in de film.

Celluloid
Materiaal waaruit de filmstrook bestaat, vroeger was dit het brandgevaarlijke nitraat.

Cinematografie
Filmkunst.

Cliffhanger
Spannend moment aan het eind van een scène of aflevering van een televisieserie, waardoor de kijker nieuwsgierig wordt naar het vervolg.

Close-up
Elke opname van dichtbij. Vooral gebruikt bij een shot van alleen het gezicht van een personage.

Cold open
Opening van een film of aflevering van een tv-serie door nog vóór de openingstitels de aandacht te trekken met een intrigerende scène of sequentie.

Continuïteitsmontage
Een filmisch manier om het verhaal zo helder mogelijk te vertellen. De toeschouwer wordt niet in verwarring gebracht door lastig te volgen tijds- en ruimtebepalingen van het verhaal.

Crane shot
Shot waarin de camera vliegt met het gefilmde van boven naar beneden, vice versa.

Crew
Alle mensen die meehelpen bij het maken van de film.

Cut
Een cut is een harde overgang van het ene shot naar het andere zonder effect. Tevens en woord dat gebruikt wordt door de opnameleider of regisseur om aan te geven dat een opname beëindigd moet worden.

d
 
 

Dialoog
Gesprek tussen twee of meer personages zoals genoteerd in een scenario.

Diëgese
Een fictief universum, tijd en plaats, waarin de handeling of het verhaal van de film plaatsvindt.

Découpage
Découpage is het ontwerpen van shots en hun samenhang om samen een geheel te vormen. In een découpage wordt de mise-en-scène, camerastandpunten, -instellingen en –bewegingen vastgelegd. In de montage bepaal je vervolgens het uiteindelijke resultaat.

Dissolve
Een montage begrip, waarbij het ene shot vloeit over in het volgende shot.

Director of photography
Degene die eindverantwoordelijk is voor het licht op de set, (soorten) shots, lenzengebruik en camerabewegingen.

Documentaire
Een documentaire is een genre. Een non-fictiefilm die zich berust op documenten en/of feiten.

Dramaturg
Persoon die is aangetrokken om scenario’s te beoordelen en van commentaar te voorzien.

Dutch angle
Een Dutch angle (canted framing, canted angle of Dutch tilt) is een filmtechniek waarbij de camera onder een hoek gehouden wordt. Het resultaat is een beeld waarbij de horizon niet horizontaal maar schuin loopt. De hellende horizon veroorzaakt vervreemding en desoriëntatie.

e
 
 

Editor
Degene die de film monteert.

Establishing shot
Shot waarmee voor de kijker duidelijk gemaakt wordt waar we ons bevinden. Is de locatie eenmaal ge-established, dan kan je je permitteren om verder te vertellen in meer specifieke beelden.

Extreme close-up
Shot dat slechts een detail van een object laat zien.

Extreme long shot
Shot waarop de mens nauwelijks zichtbaar is. Wordt gebruikt om een overzicht te geven van een landschap of stad.

f
 
 

Fade-in
Een fade-in is een techniek waarbij de scène langzaam vanuit een zwart (of wit) beeld tevoorschijn komt.

Fade-out
Een fade-out is een manipulatie voor film- of geluidsopnamen waarbij het beeld of geluid langzaam onscherp en onduidelijk wordt.

Flashback
Scène of sequentie in het narratief die teruggaat naar het verleden.

Flashforward
Scène of sequentie in het narratief die vooruit springt naar de toekomst.

Frame
Frame is een afzonderlijk filmbeeld.

Frame rate
Frame Rate staat voor het aantal beelden (frames) dat een projector in één seconde op het doek projecteert. 24 beelden per seconde (fps) is op dit moment wereldwijd de standaard. 3D HFR producties worden opgenomen en afgespeeld met een Frame Rate van 48.

Frames per second
Het aantal beelden per seconde is een maat die aangeeft hoe snel een apparaat beelden (frames) weergeeft of anderzijds verwerkt. De hoeveelheid beelden per seconde kan worden uitgedrukt in frames per second (fps) of in hertz (Hz). In Europa worden over het algemeen voor televisiebeelden 25 beelden per seconde gebruikt.

Franchise
Een reeks blockbuster films, die zich ontwikkeld tot een merk. Voorbeelden zijn Harry Potter, The Lord of the Rings en James Bond.

g
 
 

Genre
Een groepering van films naar gelang gemeenschappelijke kenmerken wat betreft decor, verhaalstructuur en personages. Zoals horror, sciencefiction, (docu-) drama, oorlogsfilm, thriller, avonturenfilm, rampenfilm, misdaadfilm, (spaghetti)western, comedy, familiefilm, kinderfilm, natuurfilm, melodrama, musical, roadmovie, buddy film, slapstick, pornofilm, film noir en kostuumdrama.

h
 
 

Hand-held shot
Camera wordt gedragen en beweegt mee.

Hard cut
Een overgang (cut) tussen twee beelden welke hard is, in plaats van bijvoorbeeld een fade.

i
 
 

IMAX
IMAX is een filmformaat dat is ontworpen door de IMAX Corporation. Films kunnen op een veel groter scherm worden weergegeven dan op normale filmschermen. Door de hoge resolutie is het beeld toch nog scherp. Een standaard IMAX-scherm is 22 meter breed en 16 meter hoog, maar kan ook groter zijn. Films zijn vaak digitaal, en anders een 70 mm film.

In medias res
Latijns voor in (het) midden (van de) zaken) is een relatieve tijdsaanduiding, die vooral veel gebruikt wordt in mediateksten. Hierbij dient de term om aan te geven dat een verhaal niet bij het begin begint, maar ergens in het midden of mogelijk zelfs al rond het einde.

Insert
Losse close-up van een voorwerp waar de nadruk op gelegd wordt.

j
 
 

k
 
 

Kadrering
Beelduitsnede, de omlijsting van het te filmen shot.

l
 
 

Locatie
Plek voor opname buiten de studio.

m
 
 

Method-acting
Manier van acteren waarbij de acteur zoveel mogelijk het personage probeert te worden. Een veelal Amerikaanse manier van acteren. Voorbeelden zijn Marlon Brando en Robert de Niro.

Mise-en-scène
Mise-en-scène is een theaterterm voor het eerste gebruikt door de Franse regisseur André Antoine. Het begrip duikt later op in de fotografie en in de filmkunst als onderdeel van de beeldtaal. Mise-en-scène betekent letterlijk ‘het in scène zetten’. De mise-en-scène betreft de inhoud van het beeld, de enscenering. Het bevat alles wat zich voor de camera bevindt: de acteurs, belichting, kostuums, make-up, decors, enzovoort.

Mockumentary
Dit soort films lijken echt, maar zijn (deels of helemaal) verzonnen.

Monoloog
Stuk tekst bestemd om door één personage te worden uitgesproken, zonder onderbroken te worden door een ander personage.

Montage
Het samenstellen van de uiteindelijke film of tv-aflevering uit de gekozen opnamen.

n
 
 

o
 
 

Off screen
Niet in beeld gebracht. Het personage is wel hoorbaar, maar niet in beeld.

Over shoulder
Een shot op iemand van achteren over de schouder van een ander.

p
 
 

Panning
Het van links naar rechts (horizontaal) bewegen van de camera.

Pilot
Eerste aflevering van een televisieserie.

Plot
De opeenvolging van gebeurtenissen in een film.

POV
Afkorting van point of view. Opname vanuit de positie van het personage die dankzij de montage de suggestie wekt dat je door de ogen van het personage kijkt.

Postproductie
Postproductie zijn alle werkzaamheden na de opnames, ook nabewerking of afwerking.

Producent (producer)
Degene die het geld, de faciliteiten en de mensen bij elkaar brengt om de productie mogelijk te maken.

Protagonist
Tegenovergestelde van antagonist.

q
 
 

r
 
 

Registratie
Het opnemen en vastleggen van iets.

Rekwisieten
Losse gebruiksvoorwerpen waarmee het decor wordt aangekleed.

s
 
 

Scenario
Het filmverhaal op papier.

Scène
Afgeronde eenheid binnen een film. Een onderdeel die zich afspeelt binnen een bepaalde tijdseenheid.

Screentest
Tijdens de audities spelen de acteurs een stuk voor de camera.

Sequentie
Een eenheid en dramatisch blok van een of meerdere scènes in de film.

Set
Plaats waar gefilmd wordt. De setting kan een bestaande locatie zijn of in de studio.

Setpieces
Bij films is een setpiece een scène of sequentie of een sequentie van scènes waarvan bij de uitvoering veel planning nodig is en vaak veel geld kosten.

Shakycam
Shaky camera is een cinematografische techniek waarbij de normale, stabiele-beeldtechniek wordt vervangen door camerabewegingen vanuit de hand geschoten. Deze techniek wordt vaak gebruikt om een filmsequentie een ad-hoc, documentaire stijl te geven.

Shot
Een shot of take is één ononderbroken filmopname. Het is alles dat wordt opgenomen tussen het aan- en uitzetten van de camera. Meerdere shots samen vormen een scene. Meerdere scenes samen vormen dan weer een sequentie.

Shot-tegenshot
Eenvoudige manier van découpage van een dialoogscène, waarbij van elke gesprekpartner een shot wordt gemaakt.

Slow motion
Een effect waarbij de indruk gewekt wordt dat de beelden vertraagd zijn.

Special effects
Elementen in de film die niet te verwezenlijken zijn of niet bestaan. Deze worden mogelijk gemaakt door (digitale) bewerking tijdens de postproductie.

Spin-off
Een verhaal of serie afgeleid van een al bestaand verhaal of serie.

Split screen
Wijze van monteren, waarbij meerdere van elkaar geïsoleerde beelden tegelijk te zien zijn. Voorbeeld is de televisieserie 24.

Stock footage
Stock footage is een benaming voor beeldmateriaal dat doorgaans niet speciaal voor is opgenomen, maar over is genomen van eerder verschenen media.

Storyboard
Een gedetailleerd plan van de hele film, vaak in de vorm van een stripverhaal. Het storyboard geeft inzicht in alle aspecten van de film.

t
 
 

Take
Zie shot.

Teaser of trailer
Een kort filmpje (vooraankondiging) om de interesse van het publiek voor een komende serie of film op te wekken.

Tilting
Een verticale camerabeweging.

Tracking shot
(Dolly), shot waarin de camera meerijdt met het gefilmde van links naar rechts, vice versa, of van voor naar achter, vice versa.

Two shot
Een shot waarbij twee personages in beeld zijn. Het shot isoleert hen.

u
 
 

Uitvoerend producent
De uitvoerend producent wordt door de producent of productiemaatschappij aangetrokken om de voorbereidingen, opnamen en afwerking van een film of tv-serie daadwerkelijk te organiseren.

v
 
 

Vlieg-op-de-muur
Principe waarbij de filmmaker probeert om de opnamesituatie zo onopvallend mogelijk te filmen om deze zo werkelijkheidsgetrouw op te nemen.

Voice-of-God
De alwetende, neutrale commentaarstem bij filmbeelden.

Voice-over
Commentaarstem bij filmbeelden.

w
 
 

wipe
Het ene shot schuift van boven, onder, links, of rechts het andere shot weg.

x
 
 

y
 
 

z
 
 
 

Zoomen
Het beeld dichterbij halen (inzoomen) of verder van zich afbrengen (uitzoomen).

This area is controlled in your WP admin under Apperance > Widgets. You need to add your desired widgets to one of the 9 widget areas (Footer1-9).

UA-32547556-1